Kwaliteitsklassen en handhaving in Amsterdam
Amsterdam beoordeelt funderingen in kwaliteitsklassen. Bij kwaliteitsklasse IV volgt volgens de gemeentelijke beleidsregels een handhavingsbesluit en moet de fundering binnen 1 jaar vervangen worden. De gemeente kan bovendien onderzoek opleggen bij bouwkundige schade in combinatie met 1 van 4 meetbare situaties.
Dit is het punt waarop Amsterdam wezenlijk verschilt van andere gemeenten. Het loont om te weten waar die grenzen liggen, ook als er bij jou nog niets speelt.
Kwaliteitsklasse IV betekent herstel binnen een jaar
Amsterdam beoordeelt funderingen in kwaliteitsklassen. Krijgt een fundering kwaliteitsklasse IV, dan betekent dat volgens de gemeentelijke beleidsregels dat wordt overgegaan tot een handhavingsbesluit en dat de fundering binnen een jaar vervangen moet worden.
De wettelijke grondslag daarvoor is artikel 1b van de Woningwet, met het niveau bestaande bouw van het Bouwbesluit als maatstaf. Een eigenaar moet ervoor zorgen dat er geen gevaar voor de gezondheid of veiligheid ontstaat of voortduurt.
De gemeente geeft er de voorkeur aan dat een eigenaar het gebrek in overleg en op vrijwillige basis binnen een redelijke termijn oplost. Handhaving is het sluitstuk, niet het startpunt. Dat is voor jou belangrijk: wie zelf op tijd begint, houdt de regie over de planning en de keuze van het bedrijf.
De vier criteria voor onderzoek
Er moet bouwkundige schade zijn, plus minimaal 1 van deze 4. Ze staan in de openbare beleidsregels van de gemeente.
1,33 cm per meter
Scheefstand meer dan 1 op 75
Ofwel achteroverhelling zonder duidelijke oorzaak. Dit is het criterium dat je zelf het dichtst kunt benaderen, met een touwtje en een gewichtje langs een binnenmuur.
plus 1,5 mm sneller dan de buren
Zakking meer dan 2 mm per jaar
Het gaat hier om de combinatie: je pand zakt harder dan 2 millimeter per jaar en daarmee ook duidelijk sneller dan vergelijkbare panden in de omgeving.
op zichzelf genoeg
Zakking meer dan 3 mm per jaar
Zakt een pand harder dan 3 millimeter per jaar, dan is de vergelijking met de buren niet meer nodig.
tussen muren of bouwdelen
Verschilzetting meer dan 1,5 mm per jaar
Het ene deel van het pand zakt harder dan het andere. Dit is de vorm van zetting die scheuren veroorzaakt, omdat de constructie scheeftrekt.
Wanneer de gemeente onderzoek kan opleggen
De gemeente kan een casco-funderingsonderzoek laten uitvoeren bij een vermoeden van gebreken. Daarvoor moet er bouwkundige schade zijn, in combinatie met minimaal een van vier meetbare situaties.
Die vier: een scheefstand van meer dan 1 op 75, wat neerkomt op 1,33 centimeter per meter hoogte, of achteroverhelling zonder duidelijke oorzaak. Een zakking van meer dan 2 millimeter per jaar die tegelijk 1,5 millimeter per jaar hoger ligt dan bij vergelijkbare panden in de buurt. Een zakking van meer dan 3 millimeter per jaar. Of een verschilzetting tussen muren of bouwdelen van meer dan 1,5 millimeter per jaar.
Het aardige aan deze criteria is dat je de eerste zelf kunt benaderen. Hang een touwtje met een gewichtje langs een binnenmuur over een hoogte van 2,5 meter: is het verschil boven en onder meer dan ruim 3 centimeter, dan zit je in de buurt van de grens van 1 op 75. Dat is geen officiele meting, maar het vertelt je wel of dit gesprek over jouw woning gaat.
Zelf de scheefstand benaderen
Van de vier criteria is scheefstand de enige die je zonder apparatuur kunt benaderen. Zo doe je het:
- Hang een touwtje met een gewichtje langs een binnenmuur, van zo hoog mogelijk tot vlak boven de vloer.
- Meet de afstand van muur tot touw, boven en onder, en noteer het verschil met de datum erbij.
- Deel dat verschil door de hoogte. Kom je boven 1,33 centimeter per meter, dan zit je rond de grens van 1 op 75.
- Herhaal het na 6 maanden op dezelfde plek. Verandering zegt meer dan de absolute waarde.
Dit is geen officiele meting en het vervangt geen onderzoek. Wat het wel doet, is je vertellen of dit gesprek over jouw woning gaat. Kom je in de buurt van de grens, of zie je verandering over een half jaar, dan is dat een goede reden om het te laten bekijken.
Waar een funderingsonderzoek aan voldoet
Een funderingsonderzoek volgt de KCAF-richtlijn Funderingen Onder Gebouwen. Die richtlijn verving in 2023 de twee eerdere F3O-richtlijnen, een voor houten paalfunderingen en een voor funderingen op staal. De brancheorganisatie F3O hield in 2018 op te bestaan, waarna het beheer naar het KCAF ging.
De richtlijn beschrijft hoe een fundering onderzocht en beoordeeld wordt: welke methoden er zijn, wat er aan de paalkoppen wordt vastgesteld en hoe de resterende levensduur wordt ingeschat.
Bron: KCAF
Veelgestelde vragen
Wat betekent kwaliteitsklasse IV?
Dat de fundering niet voldoet. Volgens de Amsterdamse beleidsregels wordt dan overgegaan tot een handhavingsbesluit, en moet de fundering binnen een jaar vervangen worden.
Kan de gemeente mij verplichten onderzoek te laten doen?
Ja, bij een vermoeden van gebreken. Daarvoor moet er bouwkundige schade zijn in combinatie met minimaal een van vier meetbare situaties: te veel scheefstand, te snelle zakking, of te grote verschilzetting.
Wat is de wettelijke grondslag?
Artikel 1b van de Woningwet, met het niveau bestaande bouw van het Bouwbesluit als maatstaf. De eigenaar moet ervoor zorgen dat er geen gevaar voor de gezondheid of veiligheid ontstaat of voortduurt.
Is handhaving het eerste wat de gemeente doet?
Nee. De beleidsregels stellen uitdrukkelijk dat het de voorkeur heeft als het gebrek in overleg en op vrijwillige basis binnen een redelijke termijn wordt opgeheven. Handhaving is het sluitstuk. Wie zelf begint, houdt de regie over planning en bedrijfskeuze.
Wat als ik het niet binnen een jaar geregeld krijg?
Ga dan in gesprek met de gemeente in plaats van de termijn te laten verlopen. Een aantoonbaar lopend traject, met onderzoek en offertes, is een heel ander gesprek dan stilzitten. Financiering regelen kost tijd en dat is een reeel argument.
Vraag offertes aan
Invullen duurt ongeveer een minuut. Je krijgt geen prijs op het scherm: die komt van de bedrijven zelf, nadat ze bij je thuis onderzoek hebben gedaan.
Wat er daarna gebeurt
Je hoort binnen een werkdag van de aangesloten bedrijven. Zij plannen met jou een funderingsonderzoek in, meestal binnen een tot twee weken.
Het onderzoek zelf duurt afhankelijk van de methode een dagdeel tot enkele dagen. Daarna krijg je van elk bedrijf een rapport en een offerte. Neem de tijd om ze naast elkaar te leggen: er zit geen termijn op en er is geen reden om te haasten.
Liever eerst een vraag stellen? Mail info@funderingsherstel-groep-amsterdam.nl. Je krijgt binnen 1 werkdag antwoord.